Nieuws

Geen aanbestedingsplicht voor algemeen ziekenhuis

Een algemeen ziekenhuis hoeft niet als aanbestedende dienst te worden gezien. Dat bevestigt het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in een recente uitspraak. Ook het feit dat een ziekenhuis een dochtermaatschappij is van een aanbestedende dienst, maakt dat niet automatisch anders.

Een universitair medisch centrum had in 2015 een elektronisch patiëntendossier (EPD) Europees aanbesteed. Later wilden twee regionale ziekenhuizen aansluiten op dit systeem. Volgens een concurrent mocht dat niet zonder nieuwe aanbesteding. De voorzieningenrechter gaf die concurrent aanvankelijk gelijk, maar het hof komt in hoger beroep tot een ander oordeel.

Geen publiekrechtelijke instelling

Het hof beoordeelt eerst of het ziekenhuis kwalificeert als publiekrechtelijke instelling. Alleen dan is sprake van een aanbestedende dienst. Vaststaat dat het ziekenhuis rechtspersoonlijkheid heeft en dat het universitair medisch centrum de bestuurders benoemt. Toch is dat niet voldoende. Volgens het hof opereren algemene ziekenhuizen onder normale marktomstandigheden. Zij werken op basis van rendement, doelmatigheid en rentabiliteit en dragen hun eigen financiële risico’s. Daarmee voorzien zij wel in een algemeen belang, maar op commerciële wijze. Daarom is geen sprake van een publiekrechtelijke instelling en geldt geen aanbestedingsplicht.

Dochtermaatschappij

Ook het argument dat het ziekenhuis een dochtermaatschappij is van een aanbestedende dienst, slaagt niet. Volgens het hof wordt een onderneming niet automatisch aanbestedingsplichtig doordat zij verbonden is aan een aanbestedende dienst. Daarvoor zijn aanvullende omstandigheden nodig, en daarvan was hier geen sprake.

Oorspronkelijke aanbesteding

Daarnaast oordeelt het hof dat in de oorspronkelijke aanbesteding uit 2015 al rekening was gehouden met regionale samenwerking en aansluiting van andere ziekenhuizen. Een niet-aanbestedingsplichtig ziekenhuis kan daarom in principe aansluiten op het bestaande EPD zonder dat een nieuwe Europese aanbesteding nodig is.

ECLI:NL:GHARL:2026:2351

Bron: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden | jurisprudentie | ECLI:NL:GHARL:2026:2351 | 21-04-2026

Terug