Nieuws

Te laat ontslag op staande voet: schadevergoeding voor werknemer

Een beveiliger steelt sigaretten van een collega. Dat is ernstig verwijtbaar gedrag en kan een ontslag op staande voet rechtvaardigen. Toch oordeelt de kantonrechter van de rechtbank Den Haag dat het ontslag niet rechtsgeldig is. De werkgever wacht namelijk te lang met het geven van het ontslag. Daardoor moet de werkgever alsnog een schadevergoeding betalen.

Een beveiliger werkt bij een beveiligingsbedrijf en is geplaatst bij een distributiecentrum. Op camerabeelden is te zien dat hij sigaretten van een collega wegneemt. Tijdens een gesprek met zijn werkgever bekent hij de diefstal en schrijft hij een spijtbetuiging. De werkgever ontslaat hem drie dagen later op staande voet. De werknemer legt zich uiteindelijk neer bij het ontslag, maar vraagt wel verschillende vergoedingen omdat het ontslag volgens hem niet rechtsgeldig is.

Onverwijld

De kantonrechter stelt voorop dat een werkgever een werknemer alleen op staande voet mag ontslaan als sprake is van een dringende reden én het ontslag onverwijld wordt gegeven. Een werkgever mag enige tijd nemen voor onderzoek of juridisch advies, maar moet daarna wel voortvarend handelen. Volgens de rechtbank wist de werkgever op vrijdag al precies wat er was gebeurd. De camerabeelden waren bekeken, de werknemer had de diefstal bekend en de ernst van het incident stond vast. Toch liet de werkgever de werknemer naar huis gaan zonder hem te schorsen of zijn toegangspas in te nemen. Op maandag verscheen de werknemer zelfs weer op zijn werk. Pas later die middag werd hij telefonisch op staande voet ontslagen. De kantonrechter vindt dat de werkgever daarvoor geen goede verklaring heeft gegeven. Het ontslag had uiterlijk direct na het juridische advies op maandagochtend moeten worden gegeven. Daarom is het ontslag niet onverwijld verleend en dus niet rechtsgeldig.

Geen transitievergoeding

Dat betekent echter niet dat de werknemer overal recht op heeft. De kantonrechter oordeelt dat de diefstal ernstig verwijtbaar is. Juist van een beveiliger mag een hoge mate van betrouwbaarheid worden verwacht. Daarom hoeft de werkgever geen transitievergoeding te betalen. Ook een billijke vergoeding kent de kantonrechter niet toe. Wel heeft de werknemer recht op een gefixeerde schadevergoeding omdat de werkgever de arbeidsovereenkomst zonder de geldende opzegtermijn heeft beëindigd. Daarnaast moet de werkgever het openstaande verlof en de opgebouwde vakantietoeslag uitbetalen.

ECLI:NL:RBDHA:2026:8543

Bron: Rechtbank Den Haag | jurisprudentie | ECLI:NL:RBDHA:2026:8543 | 31-03-2026

Terug