Nieuws

Inkomsten bekend bij Belastingdienst, toch € 26.000 terugbetalen aan UWV

Wie een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt en daarnaast als zelfstandige gaat werken, moet die inkomsten doorgeven aan het UWV. Maar wat als die inkomsten al bekend zijn bij de Belastingdienst? Mag je er dan van uitgaan dat het UWV ook op de hoogte is? De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat dit niet het geval is. Een vrouw moet daardoor ruim € 26.000 aan te veel ontvangen uitkering en toeslag terugbetalen.

Een vrouw ontvangt sinds 1997 een WAO-uitkering en vanaf 2011 een aanvullende toeslag. Naast haar uitkering werkt zij in loondienst als examinator. Deze inkomsten worden automatisch verrekend met haar uitkering. In januari 2015 begint de vrouw daarnaast als zelfstandige. Zij geeft haar inkomsten op bij de Belastingdienst, maar meldt haar werkzaamheden niet bij het UWV.

Terugvordering

Pas in januari 2022 ontdekt het UWV dat zij al jarenlang inkomsten uit haar onderneming ontvangt. Het UWV besluit daarop de te veel betaalde WAO-uitkering over 2017, 2018 en 2019 terug te vorderen. Het gaat om € 25.449. Daarnaast moet de vrouw € 1.260 aan onterecht ontvangen toeslag over de eerste drie maanden van 2015 terugbetalen. De vrouw is het daar niet mee eens en stapt naar de rechter.

UWV en Belastingdienst

Volgens de vrouw mocht zij ervan uitgaan dat de Belastingdienst haar inkomsten doorgaf aan het UWV. Haar loon uit dienstverband werd immers ook automatisch verrekend. Bovendien had het UWV haar in 2015 laten weten dat zij geen maandelijkse loonstroken meer hoefde op te sturen. De Centrale Raad van Beroep volgt haar redenering niet.

Niet automatisch

Het UWV ontvangt niet automatisch gegevens over inkomsten uit zelfstandig ondernemerschap. Pas wanneer iemand zelf meldt dat hij of zij als zelfstandige werkt, kan het UWV daarvoor een gegevenskoppeling met de Belastingdienst tot stand brengen. De mededeling dat geen loonstroken meer hoeven te worden ingediend, betekent dus niet dat ook inkomsten uit een eigen onderneming niet meer hoeven te worden gemeld.

Dringende redenen

De vrouw wijst ook op het lange tijdsverloop en de gevolgen van de terugvordering voor haar persoonlijke leven. Volgens de wet moet het UWV te veel betaalde uitkeringen in beginsel terugvorderen. Daarvoor is niet vereist dat de ontvanger verwijtbaar heeft gehandeld of zijn inlichtingenplicht heeft geschonden. Wel kan het UWV bij dringende redenen geheel of gedeeltelijk van terugvordering afzien. Daarbij moeten zowel de oorzaak als de gevolgen van de terugvordering worden meegewogen.

Terugvordering blijft in stand

In deze zaak ziet de Centrale Raad van Beroep daarvoor onvoldoende aanleiding. De vrouw had haar werkzaamheden zelf moeten melden en het UWV heeft na ontdekking voortvarend gehandeld. Ook heeft het UWV bij de betalingsregeling rekening gehouden met haar financiële omstandigheden. Van onaanvaardbare sociale gevolgen is niet gebleken. De volledige terugvordering van € 26.709 blijft daarom in stand.

ECLI:NL:CRVB:2026:1330

Bron: Centrale Raad van Beroep | jurisprudentie | ECLI:NL:CRVB:2026:1330 | 08-10-2026

Terug